[0:00]vanaf dat je de deur eigenlijk buiten gaat, ben jij smartphone loos. Ja, ben ik niet. Iemand heeft een berichtje gestuurd. Mag ik zeker kijken. Dan ben ik niet eh verbonden met het internet. Oh, het is niet mijn vriendin vraagt, gaat het? Want ze wist dat je ging komen.
[0:26]Ik ben nooit begonnen met een smartphone. En eh mijn eh vrouw, mijn vriendin niet ook niet. De nadelen zijn eh praktisch. Mensen die eh betalen met een smartphone. Ik kan niet betalen met een smartphone. Ik moet cash hebben. Of een kaart. Maar nu bots je op iets eigenlijk heel simpels. Heel stomme. Heel stomme, voor het eerst. Leraars, dus die hebben recht op een leraarenkaart waarmee ze allerlei voordelen hebben. Maar sinds februari van dit jaar hebben ze het veranderd zodat de lerarenkaart enkel nog digitaal is. Via smartphones. Maar je zou bijvoorbeeld ook een smartphone kunnen hebben zonder daar zoveel Ik wil liever helemaal geen smartphone, eh, want ik denk niet dat ik hem zo zou kunnen gebruiken voor een paar dingen en voor de rest niet. Mag ik u een heel persoonlijke vraag stellen? Oké. Wat doe je als je op het toilet bent? Ah, ja, ik lees altijd op het toilet. Behalve als ik ergens op het toilet zit en ik heb mijn boek niet bij. Als ik heel lang, dan speel ik soms eens een keer snake. We zijn al de ganse dag op onze computers en achter onze schermen. Als je dan buiten ook nog gans de tijd dat doet, dan zijn we echt gevangen. Dan zit je in een soort virtuele gevangenis. Tik nou dat jack. Tik nou dat jack. Tik nou dat jack. Tik nou dat jack.
[2:04]Dat is wat ik bedoelde, dus met eh dat alle gaatjes moeten opgevuld worden met iets doen eh of eh ja, je je hoeft nooit meer eh u te vervelen, hè. Waarom denkt ge dat die mensen dan constant naar die GSM grijpen? Omdat ze verslaafd zijn. Het is een harde verslaving. Het is te het is te aanlokkelijk om Je zit hier nu. Dat kan toch heel goed om nog niet een berichtje sturen of eh kijken wat dan mijn beste vriend gegeten heeft deze middag. Wat missen zij van de buitenwereld? Ik zou de vraag willen omkeren. Wat zijn jullie? Waar zijn jullie? Ik ben hier, waar zijn jullie?



